De imparfait (onvoltooid verleden tijd) gebruik je om:
De volgende woorden geven een herhaling/gewoonte aan:
Zet de zin in de imparfait. Schrijf de hele zin op:
Jules prépare un pizza.
Zet de zin in de imparfait. Schrijf de hele zin op:
Jules et Irene adorent les pizzas.
Zet de zin in de imparfait. Schrijf de hele zin op:
Parfois, on sort pour acheter des crêpes.
Zet de zin in de imparfait. Schrijf de hele zin op:
Nous dansons tous les jours.
Zet de zin in de imparfait. Schrijf de hele zin op:
Vous jouez souvent au foot?
Zet de woorden van de onderstaande zin in de juiste volgorde. Noteer de hele zin.
ont - mes parents - joué - un match de foot
Zet de woorden van de onderstaande zin in de juiste volgorde. Noteer de hele zin.
n' - ennuyeuse - la promenade - pas - était
Zet de woorden van de onderstaande zin in de juiste volgorde. Noteer de hele zin.
devenir - voulez - pourquoi - célèbre - vous - ?
Vul de juiste vorm van het werkwoord mettre in.
tu... (présent)
Vul de juiste vorm van het werkwoord mettre in.
on... (imparfait)
Vul de juiste vorm van het werkwoord mettre in.
vous... (futur simple)
Geef de juiste vertaling van deze vorm van mettre.
hij heeft gezet
Geef de juiste vertaling van deze vorm van mettre.
wij zullen leggen
Geef de juiste vertaling van deze vorm van mettre.
u legt
Geef de juiste vertaling van deze vorm van mettre.
jij legde
Moet dit bijvoeglijk naamwoord voor of na het zelfstandig naamwoord?
bon
Moet dit bijvoeglijk naamwoord voor of na het zelfstandig naamwoord?
rouge
Moet dit bijvoeglijk naamwoord voor of na het zelfstandig naamwoord?
grand
Moet dit bijvoeglijk naamwoord voor of na het zelfstandig naamwoord?
canadien
Moet dit bijvoeglijk naamwoord voor of na het zelfstandig naamwoord?
sportif
Moet dit bijvoeglijk naamwoord voor of na het zelfstandig naamwoord?
mauvais
Welke combinatie is juist?
Welke combinatie is juist?
Welke combinatie is juist?
Welke combinatie is juist?
Welke combinatie is juist?
Welke combinatie is juist?
Welke combinatie is juist?