Log in
Sign up for FREE
arrow_back
Library

Pw thema 1 basisstof 1 tm 6 basis

star
star
star
star
star
Last updated over 5 years ago
27 questions
Note from the author:
NG
2
2
2
2
2
2
2
2
2
2
2
2
2
3
3
3
3
3
3
3
2
Question 21
21.

3
2
5
4
Question 25
25.

Een leeuw in het wild moet zelf zijn voedsel zoeken. Welk levensverschijnsel kan hem daarbij helpen? Leg je antwoord uit.

2
5
Question 1
1.

Question 2
2.

Question 3
3.

Question 4
4.

Question 5
5.

Question 6
6.

Question 7
7.

Question 8
8.

Question 9
9.

Question 10
10.

Question 11
11.

Question 12
12.

Question 13
13.

Question 14
14.

Question 15
15.

Question 16
16.

Question 17
17.

Question 18
18.

Question 19
19.

Question 20
20.

Wat gebeurt er met een organisme als het groeit? Vul de zin aan.
Groei is het ……………. en ………………. worden van een organisme.
Question 22
22.

Leg in je eigen woorden uit wat de begrippen: Levend, dood en levenloos betekenen.

Question 23
23.

Schrijf een voorbeeld op van iets wat levenloos is.

Question 24
24.

Wat is de lengte van het meisje bij 0, 4, 8, 12 en 16 jaar? Beantwoord de vraag door de grafiek af te lezen. Schrijf de leeftijden en lengten op de goede plaats in de tabel op je antwoordblad.

Bijvoorbeeld
0 = 15
2 = 20

Question 26
26.

Welke twee levensverschijnselen vind je in de tekst

Question 27
27.

Maak van de tabel een grafiek. Op je antwoordblad staan de juiste gegevens bij de assen.

In een schematische tekening teken je alleen de belangrijkste kenmerken.
True
False
In de zaadlobben zit het reservevoedsel
True
False
Je karakter is een kenmerk van je uiterlijk.
True
False
Een maag bestaat uit cellen.
True
False
Een ijzeren stoel is een organisme.
True
False
Cellen kun je alleen met een microscoop bekijken.
True
False
In een tabel van de groei van organismen staat de tijd in de rechter kolom.
True
False
Een kind tussen 0 en 2 jaar groeit snel.
True
False
Je geeft op een goede manier kritiek als je in de ik-vorm praat.
True
False
Een periode van snelle groei noem je een groeispurt.
True
False
In een tabel staan kolommen en rijen.
True
False
Door het bottenstelsel is je lichaam stevig.
True
False
Je werkt goed samen als je je aan afspraken houdt.
True
False
Is deze steen in afbeelding 1 levend, dood of levenloos?
A Levend
B Dood
C Levenloos
Hoe noem je de doorsnede in afbeelding 3?
A buitenaanzicht
B dwarsdoorsnede
C lengtedoorsnede
Wat is zorgen?
A goed opletten dat je jezelf en je kleding schoonhoudt.
B goed opletten dat mensen, dieren en planten krijgen wat zeĀ  nodig hebben om te leven.
C goed opletten wat je leerkracht zegt tijdens de les en gehoorzamen.
Met welk nummer is de navel aangegeven?
A nummer 1
B nummer 2
C nummer 3
D nummer 4
Welk organenstelsel is dit?
A ademhalingsstelsel
B bloedvatenstelsel
C bottenstelsel
D verteringsstelsel
Met welk onderwerp hebben ze allemaal te maken?
A bestrijden van ziekten bij mensen.
B verzorgen van mensen.
C beleven van natuur en milieu.
D voorlichting en uitleg geven aan mensen.
Welke van de twee afbeeldingen is een natuurgetrouwe tekening?
A alleen afbeelding 6 is natuurgetrouw.
B alleen afbeelding 7 is natuurgetrouw.