Het borstbeen behoort bij de wervelkolom.
Je skelet zorgt samen met je spieren voor beweging.
Tussen de botten van een schedel zit kraakbeen.
Bij een goede lichaamshouding heeft je wervelkolom een S-vorm.
Getrainde spieren lopen sneller blessures op.
Welke botten horen bij de schedel?
Bij wie zijn beenderen het meest buigzaam?
Geef de betekenis van het woord individueel.
Noem de 4 functies van het skelet:
Noem twee tere organen in je borstkas
Uit welke vijf onderdelen bestaat onze wervelkolom?
Een ander woord voor handen en voeten is ledematen.
Een anderwoord voor ruggengraat is wervelkolom
Mensen hebben een inwendig skelet en zijn hiermee ongewervelden.
Noem 2 karakter eigenschappen en 2 lichamelijke eigenschappen.
Schrijf de nummers 1 tot en met 27 op. Benoem alle onderdelen van ons skelet.
Denk goed aan de trucjes die je hebt geleerd tijdens de les.
Bot en kraakbeen zijn verschillend opgebouwd. Wat is het verschil?
Noteer twee plaatsen in je lichaam waar veel kraakbeen voorkomt
Noteer twee tips voor een goede zithouding.
Het skelet geeft vorm aan je lichaam. Geef twee voorbeelden waar dit uit blijkt