Log in
Sign up for FREE
arrow_back
Library

PW thema 5 basis en kader

star
star
star
star
star
Last updated about 5 years ago
38 questions
2
2
2
2
2
2
2
2
2
2
2
2
2
2
2
3
3
3
1
1
3
3
2
2
1
2
2
2
2
2
2
2
3
6
2
4
4
2
Question 37
37.

Question 38
38.

Question 1
1.

Question 2
2.

Question 3
3.

Question 4
4.

Question 5
5.

Question 6
6.

Question 7
7.

Question 8
8.

Question 9
9.

Question 10
10.

Question 11
11.

Question 12
12.

Question 13
13.

Question 14
14.

Question 15
15.

Question 16
16.

Question 17
17.

Question 18
18.

Question 19
19.

Question 20
20.

Question 21
21.

Question 22
22.

Question 23
23.

Question 24
24.

Question 25
25.

Question 26
26.

Question 27
27.

Question 28
28.

Question 29
29.

Question 30
30.

Question 31
31.

Welke weg wordt er doorlopen als je iets waarneemt in je omgeving? Maak gebruik van de volgende woorden: Zintuig, hersenen, ruggenmerg, wervelkolom, zenuw en reactie(impuls).

Question 32
32.

Question 33
33.

Question 34
34.

Question 35
35.

Welke invloed heeft de algehele narcose op de zenuwcellen waardoor meneer Bres niet zal kunnen reageren op wat hij hoort?

Question 36
36.

Welke zintuigen gebruikt de artiest die in de trapeze hangt volgens de tekst?
A
B
C
D
Soms komt een hond te dicht bij de brandende hoepel. Hij schrikt daar erg van. Hoe neemt de hond dit waar?
A
B
C
D
Met de smaakknopjes in je tong neem je een prikkel waar.
True
False
De oogspieren draaien het oog in de goede richting.
True
False
Adrenaline wordt aangemaakt in de bijnieren.
True
False
De pupil is een opening in de iris.
True
False
Het zenuwstelsel bestaat alleen uit de hersenen en zenuwen.
True
False
Oorsmeer houdt het trommelvlies soepel.
True
False
De hypofyse maakt het groeihormoon aan.
True
False
Geur is de prikkel voor de zintuigcellen in de neus.
True
False
Zintuigen reageren als eerste op het waarnemen.
True
False
In het neusslijmvlies liggen zintuigcellen.
True
False
De oogkas is een onderdeel van je schedel.
True
False
Door de zintuigcellen ontstaan er impulsen.
True
False
Met een gehoorapparaat kun je beter horen.
True
False
Je pakt een koude, natte doek. Wanneer ben je jezelf ervan bewust dat de doek koud is?
A
B
C
Geluid gaat langs verschillende delen van het oor. Wat is de juiste volgorde van deze delen, van buiten het oor naar binnen.
A
B
C
Welk gedeelte van het oog beschermt de iris en de pupil?
A
B
C
D
Waar bevinden zich de smaakknopjes?
A
B
C
D
Waar ontstaan impulsen in de neus?
A
B
C
D
Met wie werkt je tong vooral samen als het gaat om het proeven van eten?
A
B
C
D
Welke zin is waar?
A
B
C
Zet de juiste benamingen bij het juiste nummer. Je kunt kiezen uit:
A:Trommelvlies – B:gehoorgang – C:buis van Eustachius – D:slakkenhuis – E:gehoorbeentjes.
A
B
C
D
E
Zet de juiste benamingen bij het juiste nummer. Je kunt kiezen uit:
A:Trommelvlies – B:gehoorgang – C:buis van Eustachius – D:slakkenhuis – E:gehoorbeentjes.
A
B
C
D
E
Zet de juiste benamingen bij het juiste nummer. Je kunt kiezen uit:
A:Trommelvlies – B:gehoorgang – C:buis van Eustachius – D:slakkenhuis – E:gehoorbeentjes.
A
B
C
D
E
Zet de juiste benamingen bij het juiste nummer. Je kunt kiezen uit:
A:Trommelvlies – B:gehoorgang – C:buis van Eustachius – D:slakkenhuis – E:gehoorbeentjes.
A
B
C
D
E
Zet de juiste benamingen bij het juiste nummer. Je kunt kiezen uit:
A:Trommelvlies – B:gehoorgang – C:buis van Eustachius – D:slakkenhuis – E:gehoorbeentjes.
A
B
C
D
E
Zet de juiste benamingen bij het juiste nummer. Je kunt kiezen uit:
A:Oogspier – B:hoornvlies – C:lens – D:gele vlek – E:blinde vlek.
A
B
C
D
E
Zet de juiste benamingen bij het juiste nummer. Je kunt kiezen uit:
A:Oogspier – B:hoornvlies – C:lens – D:gele vlek – E:blinde vlek.
A
B
C
D
E
Zet de juiste benamingen bij het juiste nummer. Je kunt kiezen uit:
A:Oogspier – B:hoornvlies – C:lens – D:gele vlek – E:blinde vlek.
A
B
C
D
E
Zet de juiste benamingen bij het juiste nummer. Je kunt kiezen uit:
A:Oogspier – B:hoornvlies – C:lens – D:gele vlek – E:blinde vlek.
A
B
C
D
E
Zet de juiste benamingen bij het juiste nummer. Je kunt kiezen uit:
A:Oogspier – B:hoornvlies – C:lens – D:gele vlek – E:blinde vlek.
A
B
C
D
E
Welke van de volgende functies worden vervuld door het zenuwstelsel? Er zijn meerdere antwoorden goed.
A
B
C
D
Welke uitspraak over proeven is juist?
A
B
C
De bijnieren maken het hormoon adrenaline. Welke van de volgende effecten kan adrenaline hebben op je lichaam? Er zijn meerdere antwoorden goed.
A
B
C
D
E
Welk type zenuwcel kan beschadigd zijn tijdens de operatie?
A
B
C