Log in
Sign up for FREE
arrow_back
Library

Proefwerk thema 7 basis + kader

star
star
star
star
star
Last updated almost 5 years ago
40 questions
2
2
1
2
1
2
2
1
2
2
2
2
3
3
3
3
3
3
Question 18
18.

Kijk naar afbeelding 3. Er gaat stuifmeel van de ene bloem naar de andere bloem.
18 Bij welke pijl vindt bestuiving plaats?

3
3
1
1
1
1
1
1
1
1
1
1
4
Question 31
31.

Bij welke soort bloemen heeft Lisette het meeste last van hooikoorts? Geef daarvoor twee redenen.

4
Question 32
32.

Leg uit waarom. Gebruik in je antwoord het woord hooikoorts.

3
Question 33
33.

Hoe wordt het zaad van een kers verspreid?

3
3
Question 35
35.

Hoe wordt het zaad van de esdoorn verspreid?

4
3
3
Question 38
38.

Welke uitspraak is juist over de kers in afbeelding 6?

3
3
Question 40
40.
Question 1
1.

Pitten en bonen zijn zaden.

Question 2
2.

De stuifmeelbuis maakt stuifmeel.

Question 3
3.

Na de bevruchting wordt het vruchtbeginsel kleiner.

Question 4
4.

De kroonbladeren van windbloemen zijn meestal groen.

Question 5
5.

De stempel is een deel van de stamper.

Question 6
6.

Kroonbladeren beschermen de bloem in de knop tegen uitdroging en kou.

Question 7
7.

Uit een bevruchte eicel ontstaat een kiem.

Question 8
8.

De functie van bloemen is voortplanten.

Question 9
9.

Tomaten zijn vruchten.

Question 10
10.

Het witte gedeelte van de witte dovenetel heet de bloemkroon.

Question 11
11.

Nummer 3 is een mannelijk voortplantingsorgaan. voorbeeld.

Question 12
12.

Bij nummer 2 vindt bestuiving plaats.

Question 13
13.

Wat zijn voorbeelden van eetbare zaden? Er zijn twee antwoorden goed.

Question 14
14.

Wat zit er in de stuifmeelbuis?

Question 15
15.

Wat ontstaat er uit een zaadbeginsel?

Question 16
16.

Kijk naar afbeelding 2. Je ziet een doorsnede van een appel.
Uit welk deel van de bloem is onderdeel O ontstaan?

Question 17
17.

In zaden zit reservevoedsel. Waarvoor is dit reservevoedsel bedoeld?

Question 19
19.

De bloem van een appelboom is bevrucht. Wat gebeurt er na de bevruchting?

Question 20
20.

Je ziet een afbeelding van een stamper. Hoe heten de onderdelen 1, 2 en 3?

Question 21
21.

Kun je hiervan de vrucht of het zaad, of beide eten.

Question 22
22.

Kun je hiervan de vrucht of het zaad, of beide eten.

Question 23
23.

Kun je hiervan de vrucht of het zaad, of beide eten.

Question 24
24.

Kun je hiervan de vrucht of het zaad, of beide eten.

Question 25
25.

Kun je hiervan de vrucht of het zaad, of beide eten.

Question 26
26.

Kun je hiervan de vrucht of het zaad, of beide eten.

Question 27
27.

Hieronder staan twee zinnen. Er ontbreken woorden. Vul de juiste woorden in. Kies uit: stijl – stuifmeelbuis (2x) – stuifmeelkorrel.

Question 28
28.

Hieronder staan twee zinnen. Er ontbreken woorden. Vul de juiste woorden in. Kies uit: stijl – stuifmeelbuis (2x) – stuifmeelkorrel.

Question 29
29.

Hieronder staan twee zinnen. Er ontbreken woorden. Vul de juiste woorden in. Kies uit: stijl – stuifmeelbuis (2x) – stuifmeelkorrel.

Question 30
30.

Hieronder staan twee zinnen. Er ontbreken woorden. Vul de juiste woorden in. Kies uit: stijl – stuifmeelbuis (2x) – stuifmeelkorrel.

Question 34
34.

Welk nut heeft dit voor een hazelaar?

Question 36
36.

Welk kenmerk van de kokosnoot zorgt ervoor dat zaden van een palmboom goed verspreid worden? Leg je antwoord uit.

Question 37
37.

Hoeveel stuifmeelkorrels zijn er bij de bestuiving tenminste betrokken
geweest?

Question 39
39.

Welk nummer geeft een helmknop aan?