#metriek stelsel, #gewichten

Bij elke wiskundetoets op papier moeten eindantwoorden altijd correct geformuleerd worden.
Bij deze digitale toets mag jij je beperken tot alléén het kale eindantwoord.
dus: 8 in plaats van 8 graden, b i.p.v. figuur b, 34 i.p.v. 34%, 25 i.p.v €25, DEF i.p.v. ∆DEF, enz..
[Korte antwoorden] bestaan uit 1 getal of maximaal 2 woorden.
Tip : Gebruik ook bij digitale toetsen een kladblaadje; maak bij elke opgave een berekening in het klad.
[Kort antwoord] Korte antwoorden bestaan uit 1 getal of maximaal 2 woorden.
3.200 gram = . . . kg
[Kort antwoord]
35 dag = . . . dg
[Kort antwoord]
12 dg= . . . g
[Kort antwoord]
25 cg= . . . mg
[Kort antwoord]
38 mg= . . . gr
[Kort antwoord]
1.500 mg= . . . dag
[Meerkeuze]
2,64 g = . . . dag
[Meerkeuze]
40 cg = . . . mg
[Meerkeuze]
1.521 mg = . . . dg
[Meerkeuze]
![]()
6 ton = . . . kg
[Kort antwoord]

4,5 ton = . . . kg
[Volgorde] Zet in de volgorde van groot naar klein
decigram
hectogram
kilogram
gram
ton
decagram
centigram
milligram
[Kort antwoord] 12,25 ton = . . . gr
[Vrij antwoord] Welke eenheden van de grootheid gewicht ken jij al?