1 Welke bewering is juist?
Wat is het onderwerp van de tekst?
Wat betekenen de onderstreepte woorden uit de tekst?
doorgronden (al. 2)
Wat betekenen de onderstreepte woorden uit de tekst? intensiteit (al. 6)
Wat betekenen de onderstreepte woorden uit de tekst? een stok achter de deur (al. 8)
Wat betekenen de onderstreepte woorden uit de tekst? alternatief (al. 9)
Aan welk signaalwoord herken je de opsomming in alinea 1?
Welke reden wordt gegeven voor de groeiende populariteit van fietsen/wielrennen? (al. 2)
Welk tekstverband herken je in alinea 2?
Hoe kun je het tekstverband van alinea 2 herkennen?
Hoe voorkom je zadelpijn? Er zijn meerdere antwoorden mogelijk.
Op welke manieren helpt een webcoach of trainer je? Meerdere antwoorden mogelijk.
Lees de zinnen 1 en 2. Welke bewering(en) zijn waar gelet op alinea 10?
1 Je kunt niet individueel meedoen aan een toertocht.
2 Bij de Amstel Gold Race rijden toerrijders en professionele wielrenners door elkaar.
Geef op basis van de tekst tips aan een beginnende wielrenner die voorlopig nog geen toertochten gaat rijden. Gebruik voor je antwoord niet meer dan 50 woorden.
Je bent klaar met de toets. Je weet of je gegokt hebt of dat je vragen echt wel wist. Welk cijfer verwacht je?