Preskoči na glavni sadržaj
Prijava
Sign up for FREE
arrow_back
Biblioteka

Diagnostische toets Romeinen 1th

star
star
star
star
star
Posljednje ažuriranje about 6 years ago
40
1
1
1
1
1
1
1
1
1
1
1
1
1
1
1
1
1
1
1
1
1
1
1
1
1
1
1
1
1
1
1
1
1
1
1
1
1
1
1
1
Pitanje 1
1.

Het volk beslist

Pitanje 2
2.

een kleine groep rijke mensen beslist

Pitanje 3
3.

een staat zonder vorst

Pitanje 4
4.

een staat met een vorst

Pitanje 5
5.

Imperium

Pitanje 6
6.

Ambtenaar

Pitanje 7
7.

Gouverneur

Pitanje 8
8.

Keizer

Pitanje 9
9.

volksverhuizingen

Pitanje 10
10.

Grieks- Romeinse cultuur

Pitanje 11
11.

tolerantie

Pitanje 12
12.

multi- culturele samenleving

Pitanje 13
13.

Ons woord keizer komt van de naam

Pitanje 14
14.

Vanaf Octavianus was Rome geen ______________ meer

Pitanje 15
15.

Vanaf Octavianus werd Rome bestuurd door een _____________

Pitanje 16
16.

Octavianus werd _________________ (Verhevene) genoemd

Pitanje 17
17.

Octavianus stond volgens de Romeinen boven de gewone mensen. Hij was een soort __________

Pitanje 18
18.

De Romeinen hadden een

Pitanje 19
19.

Het tijdvak van de Romeinen heet: het tijdvak van ______________

Pitanje 20
20.

Waarom gaven de machthebbers brood en spelen?

Pitanje 21
21.

Noem een voorbeeld van culturele eenheid binnen het Romeinse rijk

Pitanje 22
22.

De eenheid en vrede in het Romeinse rijk waren goed voor de _____________

Pitanje 23
23.

Deze periode van eenheid en vrede binnen het Romeinse rijk noemen we

Pitanje 24
24.

Vul in: Een man uit een overwonnen _1.________________ kon Romeins burger worden door _2. ___________ in het Romeinse3. _____________

Antwoord 1 =

Pitanje 25
25.

Vul in: Een man uit een overwonnen _1.________________ kon Romeins burger worden door

_2. ___________ in het Romeinse3. _____________

Antwoord 2 =

Pitanje 26
26.

Vul in: Een man uit een overwonnen _1.________________ kon Romeins burger worden door

_2. ___________ in het Romeinse3. _____________

Antwoord 3 =

Pitanje 27
27.

Joden en christenen hebben een _____________ godsdienst

Pitanje 28
28.

Romeinen hebben een _____________ godsdienst

Pitanje 29
29.

Maak de zinnen af. De volgende vragen horen allemaal bij dit verhaaltje.

De christenen geloofden dat Jezus uit de _________ was opgestaan

Pitanje 30
30.

Maak de zinnen af. De volgende vragen horen allemaal bij dit verhaaltje.

Daarna was Jezus naar de ____________ opgestegen

Pitanje 31
31.

Maak de zinnen af. De volgende vragen horen allemaal bij dit verhaaltje.

Zijn volgelingen noemden hem ________________, de verlosser

Pitanje 32
32.

Maak de zinnen af. De volgende vragen horen allemaal bij dit verhaaltje.

Zijn volgelingen geloofden dat hij aan het _____________ was gestorven

Pitanje 33
33.

Maak de zinnen af. De volgende vragen horen allemaal bij dit verhaaltje.

Jezus was gestorven om de mensen te verlossen van alle ____________ in de wereld

Pitanje 34
34.

Maak de zinnen af. De volgende vragen horen allemaal bij dit verhaaltje.

Verhalen over Jezus werden later opgeschreven in _______________ (Einde vraag)

Pitanje 35
35.

De Romeinen verboden het christendom omdat;

A de Romeinen verdraagzaam waren

B christenen niet verdraagzaam waren. Ze gebruikten geweld tegen de polytheistische Romeinen

C christenen de Romeinse goden wilden vereren. De god Apollo sprak hen erg aan.

D Christenen rampen konden veroorzaken, omdat ze de Romeinse staatsgoden niet wilden vereren

E De Romeinse keizer zich als een god zag en de christenen hem niet wilden vereren. Dat zou zijn macht in gevaar kunnen brengen

Noteer de 2 juiste antwoorden

Pitanje 36
36.

Vul het juiste jaartal in.

Vanaf _________ mochten christenen geloven wat ze wilden. Er was godsdienstvrijheid.

Pitanje 37
37.

Vanaf ___________ was het christendom de Romeinse staatsgodsdienst

Pitanje 38
38.

In het Romeinse rijk onstond er een christelijke organisatie: de kerk met bisschoppen en een paus

Pitanje 39
39.

De Rijn werd de noordelijke grens van het rijk, de limes en de Romeinen sloten een bondgenootschap met de Bataven.

Pitanje 40
40.

Vanaf de 3e eeuw drongen Germaanse stammen het Romeinse rijk binnen en in 576 kwam een eind aan het West- Romeinse rijk